Onderbroek en vrijheid.

Vrijheid zou ons hoogste goed zijn, las ik wel eens. Ik dacht er niet bij na en stemde er bewusteloos mee in. Wij zijn immers sinds september 1944 niet meer bezet en net zo belangrijk is dat de krakers van 1940 - onze oosterburen - weer nette gerespecteerde burgers zijn. Hun boevenpakken hebben ze met de lompenboer meegegeven. Die heeft ze helaas niet laten recyclen maar met winst doorverkocht aan verknipte koppen met kort kapsel.
Voor het geval je eens de tijd neemt om echt onafhankelijk te denken, ontdek je dat het toch wel somber is gesteld met onze zogenaamde vrijheid. Binnen de kortste keren ontdekte ik dat ik meer dan 40 jaren een soort deeltijd lijfeigene ben geweest. Iemand, een roulerende feodale heerser, op de achtergrond - in de media meestal op de voorgrond - wenste, vroeg en eiste. Stelde, niet gehinderd door enig technisch inzicht, deadlines en budgetten vast. Bezorgde mij vaak slaaploze nachten of buikkrampen. Hij noemde zich manager. Je bent dus gewaarschuwd als je dit woord ergens tegenkomt. Tegenwoordig bestaat het in tal van varianten en vermommingen.
Nu ik niet meer deel uitmaak van het winstgevend aandeel van de Ned. BV besef ik pas goed wat vrijheid eigenlijk inhoudt. Gedachten in mij laten opkomen en op me in laten werken zonder dat ze bang maken. Geen vrees meer dat ik bij het eerstvolgend beoordelingsgesprek te veel achterste van mijn tong laat zien. Ik hoef nu geen strategische of defensieve zetten op het carrièrebord meer voor te bereiden. Ik kan nu lekker als een onafhankelijk, dus onvoorspelbaar, mens door mijn dagelijks gangetje kachelen. Dat is pas vrijheid. Ik sleep dus ook niet meer met een reserve onderbroek in een koffertje. Stel je voor dat …., en ik geen …. , Die reservebroek was vroeger net zo belangrijk als mijn zelfvertrouwen. Het een kon niet zonder het ander. Een enkele maal, ik schat een keer of drie vier in al die jaren was het inderdaad belangrijk dat die nazorgmaatregel in de vooruit getroffen was. De zekerheid dat er een always was, maakte van het malheur net geen ramp, beperkte het tot een lokaal probleem. Ik begrijp nu ook de psychologische impact van al die inlegkruisjes reclames. Ik wil geen slapende account managers wakker maken, echter als ik iets in de reclame deed zou ik nu subiet opdracht geven een equivalent voor mannen te ontwikkelen. Een nieuwe reclame spot! Weg met de reserveslip, verborgen in een geseald zakje, ergens in het geheime achtervakje van een koffertje. Gewoon een inlegkruisje, -velletje, -disposable voor mannen! De inventieve engineers ontwikkelen dat wel door voor zowel linksdragende als rechtsdragende heren, voor moeilijke dagen, gewone en fijne dagen. Voor het voorkomen van geurtjes of misschien wel het genereren van interessante luchtjes! Niemand weet wat de toekomst vraagt. De behoefte moet immers gecreëerd worden, nietwaar? Welwaar! Juist en ik lever je het idee. Stuur me een meeltje, ik weet nog een massa mannenbehoeftes. Bijvoorbeeld zonder onderbroek rondlopen. Je denkt dat ik een viezerik ben? Helemaal niet! Als kompel heb ik drie jaren zonder onderbroek rondgelopen. Vraag me niet waarom niet. Uit commercieel belang geef ik daar eventjes geen antwoord op, maar mijnwerkers droegen geen onderbroek - die bestond gewoon niet - punt.
Daarna was ik twee jaren dpl. sld., juist ja, iets in het leger. Daar hadden ze maar twee maten, te groot en veel te groot. Bij een spoedeisend karwei heb ik wel eens een nacht lang in één pijp rondgebanjerd. Heb dat niet als prettig ervaren. Ook voor militairen zou dus een aangepaste inlay ontwikkeld kunnen worden. In camouflagetinten voor de inzet te velde of in popkleuren in combinatie met het uitgangstenue. Misschien dat het instroom tekort zich dan wel vanzelf opheft. Stel je voor je zit in een enge tank of pantserwagen en wordt bekogeld. Je hoeft je niet te verwonderen als er dan iets wegglipt. Juist, dat wil niemand meemaken maar het gebeurt. Vlug naar huis gaan voor een schoon slipje is er niet bij en de ruimte is natuurlijk te klein voor een diplomatenkoffertje met geheim vakje en geseald plastic zakje met inhoud reservebroekje. Wil Nederland dus in de toekomst nog mee doe aan geslaagde pieskieping (wij brengen U de echte vrijheid, wildplassen is geen item meer) dan zou een variant op het inlegkruisje best wel eens een degelijke factor van uitlaat kunnen zijn. Dan zouden de Amerikanen met hun bull shits van verarmd uranium het nakijken hebben. Lang leve de Dutchies met hun fluimencatchers! Je voelt je niet vrij zonder real shitslurper! Make freedom, not toilets. Worden we nu compagnons, of niet? Mijn dot com is paraat.



(C)

FvdB

jan. 2001

email me mailbus van Frants van de Bareschjop terug naar het archief