Afwachten.

Nu de rust is weergekeerd, het leven weer zijn alledaagse gangetje hervat heeft kan het jaarlijkse afwachten beginnen. Soms ben ik jaloers op onze trekvogels, die zitten nu lekker in een Spaanse of Afrikaanse boom te overwinteren (is af te wachten) bij exotische temperaturen. Alhoewel - hopelijk - hebben ze allemaal de snode hinderlagen, gelegd door autochtone kookgekken, overleeft. Huismussen, zoals ik, nemen niet zoveel risico. Wij zijn inheems en blijven thuis - bij moeders pappot - lopen dan wel het risico een winterdip op te lopen. Dat is ook link.
December is een zenuwslopende maand. Voordat het feest van de vrede ingezet kon worden is menige veldtocht gevoerd. Wensen moesten geïnventariseerd, gewogen en vervolgens tot verpakte materialica geconcretiseerd worden. Vaste en vloeibare voorraden voor enkele dagen aangelegd worden. Als je dit allemaal zonder ernstige huwelijkse aanvaringen tot een zalige kerst en een gelukkig nieuw begin gebracht hebt, moet je het begrip feest opnieuw definiëren. Want als feest hebben de feesten al lang hun oorspronkelijke identiteit verloren. Vrede en vernieuwen wordt nu wel erg met vreten en consumeren geassocieerd. Het kan niet meer op. Erger nog, we schamen ons zelfs niet meer om onze onfatsoenlijke overdaad ten toon te spreiden. En ik ben te laf om niet mee te doen. Stel je voor…. geen kerstboom, geen cadeaus, geen diner, zelf een stamppotje maken …. (h)eerlijk, maar niet uitvoerbaar. Met gemengde gevoelens heb ik de kerstboom in stukken gezaagd en in de GFT ton gekieperd. Tijdens dat gebeuren stond die bak een tijdje onbewaakt open. Ik zag dat de huismussen, zonder gêne, een niet gekalenderd feest inlasten. Een hele vlucht gevleugelde ad hoc carnivoren, sleepten onder luid geschetter, met de wel erg stoffelijke resten van broer konijn zaliger. Mussen lijken soms wel een beetje op mensen, nietwaar? Welwaar! Ze eten te veel, te vaak, te ongezond, schreeuwen tegen elkaar en zijn continue in de stress om het beste of grootste stukje. Juist en ze bedrijven de liefde ook overal, zodra de kans zich voordoet, heb ik zelf gezien!
Ik heb aan de kerstboom mijn verontschuldigingen aangeboden voor het feit dat hij door mensen gekapt is, zonder dat dit uit lijfsbehoud noodzakelijk was. Als er zonden bestaan is dit er een. Zelfs een grote vrees ik. Om de natuur een zoenoffer te brengen zal ik in het komend voorjaar ergens in onze tuin een nieuw, langzaam groeiend, boompje planten en begeleiden.
Gisteravond viel me op dat het al iets later is als het donker wordt. Er zit vooruitgang in, alles gaat weer versnellen. De aardse slinger is weer door zijn dooie punt heen en gaat op weg naar zijn hoogtepunt. Dat stemt me optimistisch. Ik durf nu weer een beetje vroeger 's morgens mijn ogen te openen. Ontwaken als het nog donker is, vind ik onnatuurlijk. Doet me te veel en te sterk denken aan mijn kompeltijd, die was ook donker en onnatuurlijk.
De tulpen hebben hun kopjes al nieuwsgierig door de scheidlaag van dag en nacht gestoken, zag ik vanmorgen. Dan raak ik geëmotioneerd. Wat is zo'n bol toch slim, weet precies wanneer zij voor het zonlicht haar opwachting kan maken. Zij lijkt een beetje op mij, ik ga ook naar buiten zodra ik het eerste glimpje zonlicht op mijn gezicht kan laten vallen. Heerlijk is die sensatie, de eerste zonnecalorieën van het derde millennium. Ze voelen beter aan dan die van het vorige. Dat is ieder jaar dezelfde gewaarwording. De toekomst is zwanger van de verwachting en de verwachting is beter dan de vergane ervaring. Zou die aanstaande moederbol dat ook voelen, beter zonlicht dan vorig jaar? Ik denk van wel. Zij heeft in ieder geval geheugen want zij weet hoe zij moet gaan groeien en bloeien. Zij heeft alle voorwaarden voor vorm, afmeting, kleur en geur ergens opgeslagen. Wat ze nog nodig heeft is een beetje water en wat zonlicht - en de reactie, = leven, slaat aan. Ze gaat bloeien en reproduceert zich. Een bol is dus vrouwelijk! Marie Koenen en de Dikke van Dale hadden het schriftelijk mis toen ze hun bol van het predikaat mannelijk voorzagen. Dat was geen taalfout of spelfout, dat was een denkfout. Het verwondert me dat de diverse taalayatollahs dit nog niet aan de kaak gesteld hebben. Eigenlijk ook weer niet, want die interpreteren alleen maar regeltjes uit boekjes. De bol als zij geschreven. Dit zou een opgave kunnen zijn in het Nederlands Dictee. Zou dan iedereen, behalve mij natuurlijk, fout hebben.
Ik ga verder met afwachten. Voel me nu een afwachter en dat is een plezierig gevoel, want afwachters zijn optimisten, die weten dat er weer veel echte warmte in de nabije toekomst zit. Warmte die genoten kan worden, die niet te consumeren is want je deelt ze met je medeschepsels. Tussen haakjes - dat kunnen ook mensen zijn - indien ze dezelfde emoties als deze bol kennen.




(C)

FvdB

jan. 2001

email me mailbus van Frants van de Bareschjop terug naar het archief