De fotoclub 1

Ik ga uit de fotoclub. Ik lever de nog niet door mij belichte filmpjes in en trek dan de deur definitief achter me dicht. Zowel letterlijk als figuurlijk. Ik zal zelfs geen uitleg geven waarom ik niet meer verschijn. Ik heb de periode aspirant-fotograaf voorgoed afgesloten. Had er, achteraf bezien, eigenlijk nooit aan moeten beginnen, past niet bij mijn karakter. Ik ben een individualist en die verdragen geen censuur.
Hoe heeft het zover kunnen komen, vraag je je af?
Lulu meende het goed met mij en dat is al vaker fout afgelopen, dus ik ben het in principe zelf schuld. Nietwaar? Welwaar!
"Schat sinds je vutter bent, kom je weinig onder de mensen. Je verarmt contactueel", piekerde zij hardop. Ik schrok erg en wilde weten of het al opvallend was. "Nog niet" zei Lulu: "Maar voor je het weet is het te laat. En voor dit soort kwalen zijn therapieën altijd langdurig", wist zij.
Kon ik niets tegen inbrengen, want zij heeft tenslotte meer dan 25 jaar in de verpleging gewerkt. In die periode zat ik tot over mijn oren in de kunstmest en ben dus feitelijk een therapeutisch onbenul.
Na bestudering van een aantal selfsupporting folders wist ik het, fotograferen zou me weer midden in de mensheid plaatsen. Spelen, neen componeren met licht. Ik zou Erwin Olaf en die andere, poesjes in het donker knijpert, ja juist die voor de Playboy fotografeert, naar de kroon gaan steken. Galerieën zouden ruziën om een collectie van mij te mogen exposeren.
Zelfverzekerd, belde ik de voorzitter van "De Gulden Snede".
Ik zou mijn portfolio maar eens komen laten zien, zei die arrogant en dan zou de plenaire vergadering beslissen over mijn toelating.
"Kunnen wij dat niet even bilateraal regelen" vroeg ik. Desnoods gaan we even op een terrasje zitten. Neen dat kon niet, de statuten stonden dat niet toe. Godsamme! Wat een bureauacrobatie. Schande! Ik kon wel bij de aspiranten aanvangen en afhankelijk van mijn vorderingen zou dan t.z.t. beslist worden over mijn toelating.
Achteraf gezegd, maar dat is eigenlijk laf, had ik er toen al geen goed gevoel bij. Het is zoals Lulu al zo vaak gezegd heeft, mijn emotionele intelligentie is vrij klein. Mijn eigenwijsheid echter omgekeerd evenredig. Helaas, ik ben ook maar een mens.
Dus ving ik aan bij de beginnelingen. Ik hoorde avonden lang het gezwets aan over camera zus en camera zo, diafragma stops, scherptediepte, ontwikkelsnelheid, roodlicht, geellicht enz. ... zucht.
Ze vonden mij stil, ik zei weinig, ze wisten niet wat ze aan me hadden. Ik had toen net besloten netjes te blijven en nog niet te vertellen wat ik van hen vond en ook niet te zeggen dat ik eigenlijk kwam om een voorspelling van ene Lulu te saboteren.

Toen de eerste keer ontwikkelaars aangemaakt werden heb ik waarschijnlijk op lange, zere tenen getrapt. Onze leraar was niet consistent in zijn terminologie, hij vergiste zich herhaaldelijk in centiliters en deciliters en wist het verschil niet tussen moleculen, molgewichten en atomen.
Onbevangen dacht ik een avondje scheikundeles te moeten gegeven. Staken ze ook wat van op. Neem nou water. Fotografie kan niet om water heen. Voor de ontwikkelaar heb je drie oplossingen nodig en voor het afdrukken minimaal (zwart-wit) nogmaals drie. Water is niet zomaar een uitility. Water is een special. Het heeft drie aggregatietoestanden. Je hebt hard water en zacht water. De hardheid van water druk je uit in Duitse graden.
Dat klinkt voor ons pijnlijk, ik heb dat echter ook niet uitgedacht. Dan was er beslist een andere eenheid te voorschijn gekomen, bv. Hollandse of Belgische graden.
Water heeft bij 4 graden Celsius zijn grootste dichtheid.
Je kunt alleen perfecte oplossingen maken, de basis voor perfecte foto's, hield ik mijn gehoor voor, als je het watermanagement volledig beheerst. Ik citeerde nu even onze Alex, toch ook geen minimalist? Nietwaar? Sorry, ik moet er nog aan wennen dat hij Maximalist is. Juist.
Enfin, ik begon na een kwartiertje pas echt goed op dreef te komen en bood hun, in een vlaag van gulheid, gratis een paar van mijn recepten aan hoe je van erg hard water (dat hier veel voorkomt) zacht water kunt maken. Voor de benodigde ionenwisselaar wist ik ook nog wel een goedkoop adresje.
De postcode hoefde ik zelfs niet meer op het bord te schrijven. Ik werd weggehoond. Liever verprutsten zij hun foto's met slechte oplossingen dan dat zij briljante foto's verkregen dank zij mijn gratis scheikundeles.
Eigenwijs zijn is niet erg, maar ik kan niet tegen principiële domheid. Daarom ga ik van de winter uitkijken naar een andere bezigheid. Zwijgend muziek luisteren, liefst orgelmuziek in een kerk zonder kerkgangers, lijkt me wel heel passend.



(C)

FvdB

okt 2000

email me mailbus van Frants van de Bareschjop terug naar het archief